Wat kost dit?

Wereld-Delen richt gratis taalactiviteiten in voor een aantal doelgroepen die bijzondere en dringende hulp nodig hebben. Dat gebeurt voor specifieke aanvragen in Ranst of voor Lier waar we van een overkoepelend subsidiesysteem mogen genieten, of voor personen in armoede die bij Wereld-Delen in begeleiding zijn.

Voor alle andere initiatieven worden de werkelijke kosten berekend en aangeboden aan de aanvragers. Voor gelijkaardige initiatieven (zoals de taalondersteuning in scholen) wordt in de kostenberekening het solidariteitsprincipe toegepast. Zo worden bijvoorbeeld de vervoerskosten verspreid over alle deelnemende scholen zodat scholen die toevallig een vrijwilliger van dichtbij kregen toegewezen een gelijkaardige bijdrage leveren als scholen waar een vrijwilliger van veraf (met hoge vervoerskosten) actief is. Bij de berekening wordt evenzeer de duurtijd dat vrijwilligers actief zijn in een school mee berekend. Voor andere kosten wordt dan weer rekening gehouden met het aantal leerlingen waarmee gewerkt wordt in de school. Door dergelijke aanpassingen komen we tot een eerlijk verdeelde kostenberekening.

Derdebetalersregeling: in verschillende gemeenten kunnen scholen uit verschillende netten terecht bij de gemeente of OCMW voor de betaling van deze kosten. Omdat gevraagd wordt dat de scholen eerst alle mogelijkheden binnen hun werking moeten uitputten, beschouwen deze besturen onze ondersteuning als extra-schoolse kosten in het kader van hulp aan anderstalige nieuwkomers in de gemeente (en andere). Indien dit aan Wereld-Delen wordt meegedeeld zendt Wereld-Delen de kostennota rechtstreeks naar de betrokken instanties. Ook andere kosten, bv. bij een praattafel voor volwassenen, kunnen door overheden worden betaald.

Facebooktwitter